naar Pasen – lijdenstijd ( 4 )

Johannes 12: 20 – 26

“ Kijk eens, de hele wereld loopt achter Hem aan “ schamperden de farizeeën tegen elkaar. Dat klopte. Een enorme mensenmassa had zich in Jeruzalem verzameld, uitzinnig van vreugde over de komst van Jezus. De houding van de menigte maakte de farizeeën nog ongeruster. ( 11: 47 – 48 ) Ze overdreven nauwelijks want behalve de vele pelgrims noemt Johannes ook de aanwezigheid van niet – Joden ( vs 20 ) en van enkele belangrijke leiders van het volk. Bovendien ontwaarden ze een groot aantal Grieken die zich tot het Joodse geloof aangetrokken voelden. Zij leken heftig geïnteresseerde bekeerlingen die vol enthousiasme deelnamen aan de bedevaart van Pesach.

Zij wilden Jezus graag ontmoeten en zochten één van Zijn leerlingen op. Omdat Filippus een Griekse naam droeg, richtten ze het woord tot Hem. Zijn naam – een latinisering van het Griekse woord Phillippos – betekent paardenliefhebber.

Het was de Grieken echter niet om paarden te doen, maar om de Heere Jezus Christus. “ Kunnen wij Hem ontmoeten?” vroegen ze gespannen. Filippus haalde Andreas erbij en samen gingen ze naar Jezus. Pijlsnel gingen de gedachten van Jezus naar de voltooiing van Zijn missie. “ De tijd is gekomen dat de Mensenzoon tot Majesteit verheven zal worden.” zei Hij. Waarachtig, Ik verzeker jullie, wanneer het tarwegraan niet in de aarde valt, en sterft, blijft het één graankorrel. Maar wanneer het sterft draagt hij veel vrucht. Niemand begreep Hem nog. Logisch, wie zou op dit moment geloven dat de Meester binnen enkele uren gemarteld en geslagen aan het kruis gespijkerd zou worden? Niemand toch?

En? Wurgde de angst Zijn keel dicht? Helemaal niet. Hij leerde een nieuwe kostbare les.

“ Wie zijn leven liefheeft, verliest het. Maar wie in deze wereld zijn leven haat, behoudt het voor het eeuwige leven.” De tegenstelling liefhebben – haten laat er geen enkele twijfel over bestaan welke zaken er op de eerste plaats horen te komen, en welke zaken van secondair belang zijn.  ( zie ook Lucas 14: 26 ) De leerling van Jezus stelt de belangen van het koninkrijk van God op de eerste plaats.

“ Wie Mij dient, moet Mij volgen. Waar Ik ben, zal ook Mijn dienaar zijn. En wie Mij dient zal door Mijn Vader geëerd worden.” Wat een heerlijke beloften. Jezus stelt Zijn leerlingen voor als dienaren die naar Niemand Minder als naar Hem zullen luisteren, zullen handelen, en Zijn prioriteiten zullen navolgen. Ze zullen net als Hij het lijden kennen, maar ook door Niemand minder als God Zelf worden verheerlijkt. Wat een Toekomst! ( Bronnen SVkantt. SB iP, Bijbel met uitleg, MH )

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *