De Oude Kerk

De Oude Kerk is misschien wel het best verborgen gebouw van Amsterdam. In 1306 al ingewijd is ze in elk geval het oudste van de stad. Een bijzonder middelpunt In het middeleeuwse centrum van Amsterdam. In alle hoeken en gangen vertelt ze de unieke geschiedenis van de stad. De kerk begon als Rooms – Katholieke kerk en telde minstens 39 altaren. Overal zag het er kleurig en druk uit.  Na de zogenaamde Alteratie – de omwenteling in Amsterdam op 26 mei 1578 toen de katholieke stadsregering werd afgezet en er een nieuwe raad werd gevormd – keerde het tij. De samenstelling van de raad, die nu uit 30 Calvinisten en 10 katholieken bestond – zorgde ervoor dat de kerk in Protestantse handen kwam. In 1955 kocht een stichting de kerk voor een symbolische gulden. Er volgde een halve eeuw van grondige restauratie.

 

In de Middeleeuwen vormde de Oude Kerk als publieke ruimte eigenlijk een levendig plein dat door de eeuwen heen steeds de tijd op de voet volgde. In het begin was ze het chaotische middelpunt in een beginnende stad. De Gouden Eeuw maakte haar het centrum van handel en economische welvaart met rijke gilden die veel geld investeerden in de Oude Kerk! Vervolgens vormde de achttiende eeuw de kerk om in een sober eiland temidden van een welvarende stad. Vandaag de dag is ze het rustieke middelpunt van een metropool waar creativiteit en innovatie elkaar omarmen.

 

Zodra je de kerk binnenkomt vallen de rust en soberheid van het interieur op. De door de protestanten verachte pracht en praal is na de Alteratie rigoureus grijs geschilderd. Het donker houten gewelvenplafond is van eikenhout en vormt een mooi contrast met de spitsboogvensters daaronder. De Oude Kerk heeft het grootste daklandschap – lees: oppervlakte van de kerken in Europa. Door de houten constructie schijnt de kerk een fantastische akoestiek te bezitten! Het is mogelijk om jezelf met een soort bouwlift tot in de nok van het kerkgebouw te laten brengen en zo vanaf 15 meter hoogte de magistrale gewelven vanuit een totaal ander perspectief op je in te laten werken. De houten kruisribgewelven en de hoge spitsboogvensters zijn gemaakt om muurwerk te besparen. Deze rustieke gewelven kleuren de kerk met een warme en verheven rust.

 

Langzaam slenteren we de kerk door, staan even stil bij een plaquette die herinnert aan Sweelinck. In 1577 werd deze als 15 jarig organist beroemd door zijn orgelimprovisaties. De folder in mijn hand vertelt dat Johan Sebastian Bach zich in zijn composities door hem heeft laten beïnvloeden. De organist is op 59 – jarige leeftijd overleden en begraven in zijn geliefde Oude Kerk.

 

We lopen langs een gewelf waar door vrijwilligers geborduurd wordt aan een enorm wandkleed dat de plattegrond van de kerk weergeeft. In verstilde grijstinten groeit een prachtig overzicht van deze architectonische hoogstand, bedoeld voor een expositie. We kijken om ons heen. Een kunstig vervaardigde trap kronkelt als een stairway to heaven omhoog. Als je durft biedt het je een prachtig  uitzicht over de stad! In de kerk zelf bevindt zich een maquette van donker hout die zò groot is dat het nabouwen ervan overbodig is gebleken.

 

In een wat donkere uithoek vinden we een kleine maquette die het bizarre gegeven vermeldt dat de kerk een overdekte begraafplaats met 2500 graven vormt waaronder 12.000 mensen begraven liggen. Omdat dit begraven in de middeleeuwen bij lange na niet zo zorgvuldig gebeurde als tegenwoordig rook het in de kerk niet altijd even fris. Trouwens, alleen de rijken konden het zich veroorloven om hier begraven te worden. Daar komt dan ook de term “ een rijke stinkert” vandaan schrijft de folder.

 

Elke grafzerk vertelt zijn verhaal over de mens die daar begraven ligt. Het graf van den Heer Rendorp vermeldt een adelaarsklauw met vleugel.  Wat zou de inscriptie te zeggen hebben?

“ Die de Heere verwachten zullen opvaren met vleugelen gelijk de arenden “ zegt de Bijbel. Zou dat op deze dode van toepassing zijn?

 

In het midden van de kerk ook een grafsteen voor Saskia, de geliefde vrouw van Rembrandt. Zij wordt na Anne Frank de beroemdste dode van Amsterdam genoemd.

 

We zwerven langzaam en aandachtig door het stille kerkgebouw. Mooi glas – in – lood vertelt zijn eigen geschiedenis. Een plaquette met inscriptie laat zich niet al te moeilijk ontcijferen. Er wordt eer bewezen aan schout bij nacht Willem van der Zaan wiens schip op 17 maart 1669 door een Algiers roofschip werd geënterd en bij deze actie door een “pondts koogel” doodgeschoten is. Die Willem moet een moedig en doortastend iemand geweest zijn want Wikipedia vertelt dat er een Nederlandse mijnenlegger naar hem is vernoemd, de laatste en grootste mijnenlegger die voor de Nederlandse marine is gebouwd. Het schip was ingericht om in vredestijd dienst te doen als opleidingsschip voor adelborsten ( aankomend marine – officiers )

 

Het middenschip – het zogenoemde hoge koor van de kerk – vertelt zijn eigen verhaal. We gaan het er binnen door een goudkleurig hekwerk.Opnieuw veel houtwerk. Houten banken. Aparte bijzondere kunststukjes met gesloten zijdeuren voor de “kerkmeesters”. Gewonere banken met grappige notities: “ verhuurde bank. “ Je was er dus niet zomaar welkom! De psalmborden vermelden een eerste en een laatste voorzang. Waarschijnlijk is de voorzang om tactische redenen ontstaan. Formeel begint de kerkdienst op het moment dat de ouderling en predikant van dienst elkaar de hand drukken. De ‘voorzang’ is het lied dat de verzamelde gemeente nog vóór dat moment zingt. Dit lied valt daarmee buiten de gewone liturgie en is een los ‘voorvoegsel’ voor de eigenlijke kerkdienst.

Het ontstaan van de voorzang had een praktische achtergrond. Zij zou opgekomen zijn in tijden waarin de gemeente nog een ‘voorzanger’ kende. Zo hadden voorzanger en gemeente de gelegenheid om samen een lied te oefenen. Gevoelige geschillen over wat wel en niet verantwoord was werden opgelost door de uitvinding van de ‘voorzang’. Omdat deze werd gezongen in het niemandsland voor het begin van de dienst was de kerkenraad niet ambtelijk verantwoordelijk voor deze liederen. De gemeente kon dus gerust haar ‘vrije lied’ zingen, terwijl de kerkenraad zich tactisch niet liet zien, en gedogend een oogje (oortje) toesloot!

Als je het vele houtwerk in ogenschouw neemt is het overigens een wonder dat de kerk de twee grote stadsbranden van 1421 en 1452 overleefd heeft!

Op de bovenkant van de preekstoel ontcijfer ik de woorden: “ Is t dat iemand spreekt, spreke als Gods Woord. “  De priester van vóór de beeldenstorm en de predikanten daarna zagen de woorden niet als ze hun rede brachten, maar hopelijk hebben zij ze in hun hart gehad.

Zandkleurige pilaren staan als trouwe wachters ter weerszijden van de preekstoel, en verder. Ze geleiden de gewijde sfeer met stijl het kerkgebouw in. De kleurige beelden van de apostelen zijn tijdens de beeldenstorm van 1566 van de pilaren weggeslagen. Ik zie meerdere orgels. Het groene koororgel met gouden beschilderingen uit 1650, een klein orgel in het koor zelf dat stamt uit 2001. En dan is er het immens grote orgel aan de rechterzijde van de preekstoel. Er zit geen enkele orgelpijp in want het wordt gerestaureerd.

 

We slenteren terug naar de ingang en passeren een kapel – achtige ruimte. Vóór de beeldenstorm was dit de doopkapel. Na 1648 liet de burgemeester van Amsterdam de kapel ombouwen tot zijn familiegraf.

 

Op de grote grafstenen kerkvloer liggen her en der verspreid enorme vierkante spiegels, in stukken gebroken. Moderne kunst. Om deze kerk voor de ondergang te behoeden is zij aangekocht door een stichting: vrienden Oude Kerk. Zij spannen zich ervoor in om historie en hedendaagse kunst elkaar te laten ontmoeten. Architectuur legt woord, beeld, muziek en gedachtevorming van onze tijd en vorige eeuwen bloot.  De Oude Kerk vormt een geduldige arena die mensen uit verschillende windhoeken omarmt en tegelijkertijd laat kijken en meedenken.

 

In enkele stappen bevinden we ons weer midden in de drukke stadswijk waar mensen van allerlei nationaliteit en cultuur elkaar passeren. Zo was het altijd en zo is het nog steeds. Zo moet het ook zijn. De kerk midden in het hart van de stad. Zo is zij een afspiegeling van de Boodschap van God: Hij had de wereld zò lief dat Hij Zijn Eniggeboren Zoon gezonden heeft. Midden in de wereld. Opdat ieder die in Hem gelooft, niet verderve, maar het Eeuwige Leven hebbe.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *