De gelijkenis van de bouwers.

De dwaze en de wijze bouwers. De  ontroerende Bergrede van de Heere Jezus eindigt met drie passages welke de mensen telkens in drie groepen indeelt. Je zou dit moment kunnen vergelijken met  het handelen van een herder die zijn kudde naar soort groepeert.

Al naargelang Hij het geestelijk rendement in hun hart en ziel herkende noemde Hij hen :  – Verstandige mensen ( Math. 7: 24 ) Van deze groep waren er helaas maar weinig. ( vs 14 ).

– Daarnaast benoemde Hij levensreizigers, mensen die zich op de weg van het Leven bevonden ( vs 14)

– Maar er waren ook vele domme en dwaze mensen, zij die zich naar de eeuwige ondergang spoedden. ( vs 13, 27 )

Jezus hervatte de oproep van de wijsheid uit het Spreukenboek ( Spreuken 9 : 1 – 6 ) “ Ga toch naar binnen, kies de poort van het leven! “ riep Hij uit. ( Math. 7: 13, 22 ) Hij drong er sterk op aan om de Wil van God de Vader in de praktijk te brengen, op de manier zoals Hij dat in de Bergrede uitgesproken had. ( Mattheüs 5 )

“ Niet iedereen die Heere, Heer tegen Mij zegt zal het Koninkrijk van de hemel binnengaan, waarschuwde Hij. “Dat is slechts weggelegd voor degenen die naar de wil van Mijn Hemelse Vader handelen.  Er komt een dag dat velen zullen zeggen: “ Heer, Heer, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd? En in Uw Naam demonen uitgedreven? Hebben wij niet vele wonderen in Uw Naam verricht?” Dan zal Ik als antwoord geven: “ Ik heb jullie nooit gekend, ga weg van Mij wetsverkrachters! “

Wat een vreselijke veroordeling uit de mond van de Heiland.  Was dat nodig?

Opnieuw nam de Meester een voorbeeld uit het dagelijks leven en vertelde een gelijkenis.

“ Er was eens een verstandig man die bouwplannen had. Het stond voor hem als een paal boven water dat hij zijn huis op een rots wilde bouwen.  Hij was erg voorzichtig en begon te graven, een moeizame arbeid en een heftig karwei. Het duurde lang voordat hij op een steenrots stootte die hij betrouwbaar genoeg achtte om zijn huis op te funderen.

Er was ook een onverstandige man  met bouwplannen. Hij dacht alleen maar aan het snelle resultaat en maakte zich geen moment zorgen over een fundament. Zijn huis bouwde voorspoedig en snel. In no time stond het overeind. Beide huizen zagen er uiteindelijk prachtig uit.

Op een slechte dag ontstond er een zware slagregen. Het regende en regende. De bergstromen zwollen aan tot ontembare hoogten en er staken stormen op. De huizen werden van alle kanten belaagd! Wat kregen ze ervan langs! Het huis van de wijze bouwer stortte niet in, maar bleef overeind. Want het was op een rots gefundeerd. Het huis van de dwaze bouwer echter stortte helemaal in. Er bleef slechts een ruïne over. “

De wijze bouwer is de verstandige mens, iemand die zijn leven baseert op de woorden van de Wijsheid. ( vs 21 ) en de wil van God doet. De wijsheid die door Jezus Zelf belichaamd werd.  ( Math. 6, Math. 25 ) Deze wijsheid verwerft een leerling van de Heere Jezus door moeizame arbeid aan zijn hart en ziel. ( Psalm 6 ) Een arbeid die echter een eeuwige beloning opleveren zal!

Opnieuw waren de mensen diep onder de indruk van Zijn onderwijs. Want Hij sprak tot hen als iemand met gezag, en niet zoals de schriftgeleerden. Het ging hierbij niet alleen over de vorm of de manier waarop Hij Zich uitdrukte. Zijn gezag hield verband met de manier waarop Jezus de Wet interpreteerde, zonder zich achter de voorvaderlijke traditie te verschansen ( zie Math. 5: 20 – 21 ) zoals de rabbi`s in Zijn tijd gewoonlijk deden.

Daarbij was de manier waarop de Heere Jezus Zichzelf liet zien uniek. Zijn Woord was met bijzondere autoriteit bekleed. ( Math. 7: 24 ) Hij noemde God  Zijn Vader. ( vs 21 ) en duidde Zichzelf aan met Heere ( vs 21 – 22 ) Een Heer die Steenrots wil zijn tot op de dag van vandaag! Tot het moment gekomen is dat Hij  dienst zal doen als Rechter van het Goddelijke gerecht. ( vs 22 – 23 )

 

https://www.youtube.com/watch?v=gM7gt_cSxjw

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *