Hoe zou het in de hemel zijn? ( 3 )

Als de Heere Jezus het oordeel beëindigd zal hebben, zullen er geen goddeloze mensen meer zijn. Dan zal Hij Zijn kinderen voor altijd de eeuwige heerlijkheid binnenleiden. ( Psalm 73 : 24 )
“ Maar nu weet ik mij altijd bij U, U houdt mij aan de hand en leidt mij volgens Uw plan. Dan neemt U mij weg, met eer bekleed.”
Een andere vertaling voor deze term is: dan ontvangt U mij met alle eer. “ Hiëronymus – één van de vier grote kerkvaders van het Westen – heeft dit vertaald met: “ daarna de heerlijkheid. “
De psalmist heeft erg getwijfeld aan het Godsbestuur in zijn leven. Maar achteraf belijdt hij toch dat God steeds bij hem was en zijn rechterhand vatte. Het vastpakken van de rechterhand is een aanduiding voor bijzondere bescherming. Die bescherming was er tijdens alle zorgen en verdriet die de dichter mee moest maken. Die bescherming zou er ook in de toekomst zijn. God zou de dichter leiden volgens Zijn plan, en hem daarna in Zijn heerlijkheid opnemen. Dit opnemen duidde vooral op de hand van God die blijvend op de psalmist rustte. Deze bescherming strekte zich uit tot na zijn dood, tot in de eeuwige heerlijkheid.

Die heerlijkheid is gesitueerd in het huis van de Vader waarin vele woningen of kamers zijn. ( Johannes 14: 2, 3 ) “ Wees niet ongerust, maar vertrouw op God en op Mij. In het huis van Mijn Vader zijn veel kamers. “ Er is een plaats in de hemel voor iedereen die gelooft. Nadat Jezus hier op aarde voor God had gewerkt, zette Hij Zich na Zijn vertrek in voor de gelovigen om hun terugkeer voor te bereiden. Onze gestorven geliefden komen thuis in een plaats die door de Heere Jezus Zelf is klaargemaakt, hoe troostvol is dat.

Het is een huis, niet met handen gemaakt, maar eeuwig, in de hemel. ( 2 Kor. 5 : 1 ) “ Wij weten dat, wanneer onze aardse tent, het lichaam waarin wij wonen, wordt afgebroken, we van God een woning krijgen: een eeuwige, niet door mensenhanden gemaakte woning in de hemel. “
Paulus doelde hier op het sterven, maar hij benadrukte dat hij zijn hoop helemaal stelde op de opstanding. Ons lichaam is door God gemaakt, maar omdat het onderdeel uitmaakt van de zondige mensheid is het onderworpen aan de dood. ( 1 Kor. 15 : 21, 22 ) Het opgestane lichaam is dat niet meer, het is onsterfelijk, verheerlijkt en volmaakt en leeft voor eeuwig bij God. In de derde hemel, het Paradijs. ( 2 Kor. 12: 2, 4 ) Het Paradijs is een beeld van de nieuwe schepping. Volgens de Joodse opvattingen waren er verschillende hemelen. Paulus doelde hier op de hoogste hemel, die ook wel het paradijs genoemd wordt.
De hemel is de stad die fundamenten heeft, waarvan God de Kunstenaar en Bouwmeester is. ( Hebreeën 11 : 10 ) “ Door zijn geloof trok Abraham weg naar het land dat hem beloofd was, maar hem nog niet toebehoorde. Samen met Izaäk en Jacob, mede-erfgenamen van de belofte, woonde hij daar in tenten omdat hij uitzag naar een stad met fundamenten, door God Zelf ontworpen en gebouwd. “ Deze stad stond in groot contrast tot de onzekerheid van het nomadenleven dat de aartsvaders leidden. Deze stad staat nog steeds in groot contrast tot het aardse leven dat wij leiden, en dat vol onzekerheden is. Wie in de Heere Jezus gelooft, ervaart een hemelse vrede bij het gelovig vertrouwen op de volmaakte toekomst die voor ons in het verschiet ligt. Deze toekomst is al werkelijkheid geworden voor onze gestorven geliefden.

Het zal daar in de hemel één en al blijdschap zijn. De vreugde van de Heere voert daar de boventoon. ( Matth. 25 : 21 ) Wie hier de Heere oprecht gediend heeft zal daar te horen krijgen: “ Voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar. Omdat je betrouwbaar bent gebleken in het beheer van een klein bedrag, zal Ik je over veel meer aanstellen. Wees welkom bij het feestmaal van je Heer. “ Alles wat onvolmaakt was in ons dienen van Hem zal vergeten zijn, de Vader zal er nooit meer aan denken omdat Hij in Christus Jezus al onze tekortkomingen vergeven heeft.

Het is wel duidelijk dat het om een hemels koninkrijk gaat. ( 2 Tim. 4 : 8 ) We zullen daar de krans van de gerechtigheid ontvangen. Paulus schreef: “ Ik heb de goede strijd gestreden, de wedloop volbracht, het geloof behouden. Nu wacht mij de krans van de gerechtigheid, die de Heer, de rechtvaardige Rechter aan mij zal geven op die grote dag. En niet alleen aan mij, aan allen die naar Zijn komst hebben uitgezien. “
Paulus had het getuigenis in zijn geweten dat hij door Gods genade aan het doel van zijn leven had beantwoord. Hij wond er geen doekjes om dat het christelijk leven hier op aarde een strijd is waarvan wij de wedloop tot het einde zullen moeten volhouden. Een van de kenmerken van Gods kinderen is dat ze uitkijken naar de wederkomst van Christus op de jongste dag. In de hemel wordt een kroon voor ons bewaard die de levenden nog niet bezitten, maar zeker zullen ontvangen. Opnieuw is het een troost om te weten dat onze gestorven geliefden daar al zijn.

Jezus Christus geeft daar het eeuwige leven. ( Johannes 10 : 28 ) “ Ik geef ze eeuwig leven, ze zullen nooit verloren gaan en niemand zal ze uit Mijn hand rukken. Wat Mijn Vader Mij gegeven heeft gaat alles te boven, Niemand kan het uit de hand van Mijn Vader roven, en de Vader en Ik zijn één. “ De hand van Jezus is de hand van de Vader. Ze hebben hetzelfde doel, hetzelfde gezag, hetzelfde oordeel, dezelfde werken en dezelfde woorden.
Het is een grote troost om te beseffen dat onze dierbare doden, die hier door ziekte of een ongeluk uit het leven gerukt kunnen zijn, daar in de hemel veilig zijn. Er kan hen nooit meer iets kwaads overkomen.

Jezus zet Zijn kinderen in de hemel de kroon der rechtvaardigheid op. ( 2 Tim. 4 : 8 ) die ook wel de kroon van het leven genoemd wordt. ( Jakobus 1 : 12 )” Gelukkig is de mens die in de beproeving staande blijft. Want wie de proef doorstaat, ontvangt als lauwerkrans het leven, zoals God beloofd heeft aan iedereen die Hem liefheeft.” Wie God liefheeft, komt in de hemel aan, wat er hier op aarde ook gebeurd. De beproefde christen zal een gekroonde christen zijn. De kroon die hij zal dragen zal een kroon van het eeuwige leven zijn. Wij dragen het kruis maar voor een korte tijd, maar we zullen de kroon tot in eeuwigheid dragen. De kroon des levens wordt beloofd aan ieder in wiens hart de liefde van God regeert.
Kinderen van God worden hier op aarde op veel manieren beproefd. Maar wat er ook in ons leven gebeurt, de Heere wil ons staande houden, en belonen voor onze standvastigheid.
Als je daar over nadenkt verwonder je jezelf. Wat een God die aan de ene kant lijden geeft, maar aan de andere kant kracht. Aan de ene kant beproeving, maar aan de andere kant beloning. Beloning voor iets wat Hem Zelf de totale vernietiging van Zijn leven gekost heeft. Genade is geen goedkoop verhaal. Er is geen God die zoveel voor de mens over had, als Hij!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *