Efeziërs 5 : 1 – 21

Efeze 5 : 1 – 21 

De brief van Paulus aan de gemeente van Efeze is de enige van de brieven van Paulus waarin je niets kunt vinden dat speciaal toepasbaar is op de situatie van de gemeenteleden te Efeze. De inhoud van de brief was geschikt voor alle jonge kerken die door het Evangelisatieteam van Paulus waren gesticht. De brief dateert uit de tijd dat Paulus in de gevangenis zat. Sommige verklaarders zijn de mening toegedaan dat deze brieven het mooiste en diepst van inhoud zijn van al de brieven die hij geschreven heeft. Het blijkt dus dat, toen zijn beproevingen het grootst waren, zijn vertroostingen in diepte, inhoud en strekking de diepte van zijn beproevingen geëvenaard hebben. Het was de intentie van Paulus om de mensen uit Efeze te bevestigen in de waarheid die zij beleden, en hen verder toe te rusten en bekend te maken met het mysterie van het Evangelie van Jezus Christus. 

In Efeze 5 vermaande Paulus de gemeenteleden om elkaar wederzijds en hartelijk lief te hebben. De mensen moesten barmhartig zijn voor elkaar, alle oude heidense rituelen en onreinheden afzweren en in hun nieuwe gekerstende leven alle goede deugden promoten en aanhangen. De inhoud van wat Paulus bedoelde zou hij in latere hoofdstukken van de Efeze brief nauwgezet uitwerken. 

Alle gelovigen moesten heilig zijn omdat God heilig is, barmhartig, om Zijn barmhartigheid, volmaakt omdat God volmaakt is. Kort gezegd: de mensen moesten de volmaakte karaktereigenschappen van de Heere Jezus, de Messias, de Christus, navolgen. 

Zoals kinderen op hun ouders lijken, moesten Gods kinderen op God lijken. Het beginsel van ons handelen moet de liefde zijn, omdat Christus Jezus ons mensen innig liefgehad heeft. 

Christus heeft ons allen liefgehad, want Hij heeft Zichzelf voor ons overgegegeven tot een offerande en tot een slachtoffer. Dit Offer was Zijn Vader welbehaaglijk, Hij nam er volkomen genoegen mee en verklaarde niet langer toornig te zijn om de zonden die de gelovigen vroeger bedreven.  Dit feit moest de mensen in Efeze voldoende motiveren om zelf ook nauwgezette navolgers van Christus te zijn. 

Waar Paulus ook kwam, overal ontmoette hij ongekerstend gedrag. Het ergste was de heidense tempelprostitutie. De oudste vormen van tempelprostitutie bestonden in Mesopotamië, maar hadden zich verder over de hele Mediterrane wereld verspreid. Ook de Grieken volgden dit fenomeen na. De meest toonaangevende stad hiervoor was Korinthe. Bijzonder begrijpelijk dat Paulus daarom waarschuwend en bijzonder richtinggevend optrad, want het was een vast onderdeel van de heidense riten dat vrouwen zowel als mannen zich in de tempel aanboden voor betaalde seks. 

Deze zonden moesten gevreesd en afgewezen worden. Logischerwijze waren deze riten omgeven door een totaal verkeerd taalgebruik dat laag en onzedelijk van inhoud was. Daaraan moest een einde komen, want het was niet alleen onbetamelijk maar er schuilde ook veel kwaad in. 

Gelukkig bleef Paulus niet in het kwaad hangen, maar legde als een goed geestelijk leider de nadruk op betere zaken. Het was christenen toegestaan opgewekt, vrolijk en wijs te zijn. Verheugd van hart, mochten zij dankbaar de goedheid en barmhartigheid van God gedenken en Hem daarvoor de lof toebrengen! 

Een christengelovige is niet meer de mens die hij vroeger was. Door genade is hij één geworden met Christus, zijn positie tegenover God is veranderd. Hij zal het leven dat hij voor zijn bekering leidde, afleggen. Dat begint met een vernieuwing van zijn denken ( 4 : 17 – 24 ). Daarna komt in plaats van zijn vroegere levensstijl (leugen, het blijven hangen in boosheid, kwetsend taalgebruik, diefstal )

een nieuwe levensstijl die gekenmerkt wordt door betrokkenheid op de ander. Een zorgzame betrokkenheid die afziet van boosheid, de medemens behulpzaam is, en opbouwende woorden spreekt. 

Alles draait om het hebben van een juiste verhouding tot de Heere God en tot de Heilige Geest. Deze verhouding is zo ingenieus, intiem en bijzonder dat Paulus die verhouding vergeleek met die van een man en vrouw binnen het huwelijk: er is sprake van een wederzijdse genegenheid, overgave en vertrouwelijkheid. 

One response to “Efeziërs 5 : 1 – 21

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *