Lucas 2 : 8 – 20

In nacht van de geboorte van het Heilige Kind bevonden Betlehems kudden zich in het open veld. Dag en nacht waren er herders om hen heen die de dieren tegen roofovervallen moesten beschermen. 

Vanuit de hemel vloog een engel pijlsnel naar beneden. Hij werd niet naar de hogepriesters of oudsten van Israël gestuurd maar naar een gezelschap arme mensen die volop bezig waren met het uitoefenen van hun beroep. Een heldere lichtflits liet de mannen dodelijk schrikken. Maar de engel stelden hen gerust, hij kwam niet met een oordeelsaankondiging. 

“ Wees niet bang, ik breng jullie Goed Nieuws. Heel Israël zal er blij om zijn. Jullie Redder is geboren! Christus, de Heer. De stad van David is Zijn geboortegrond. Hij is herkenbaar aan de doeken waarin hij gewikkeld ligt. Bovendien ligt hij in een voederbak. “ Het beëindigen van de woorden van de engel werd opgevolgd door een hele grote groep engelen die God eerden. Ze vormden een groot koor en riepen:  “ Alle eer aan God in de hemel. Vrede op aarde voor de mensen van wie Hij houdt! “ 

Het koor stopte. De lucht werd weer donker en stil. De mannen in het veld beseften dat de Messias eindelijk gekomen was. Zonder zich een ogenblik te bedenken zeiden ze tegen elkaar dat ze op moesten schieten en direct naar Betlehem gaan. God had verteld wat er gebeurd was. Ze moesten stande pede gaan kijken. 

Zo deden ze het en ze vonden Maria en Jozef. In de voederbak lag het Kind. Toen de herders het Kind gezien hadden vertelden ze het ouderpaar wat hen overkomen was, en ze herhaalden de woorden die de engel gesproken had. Iedereen die het hoorde was verbaasd over het relaas van de herders. 

Maria nam alle woorden in zich op en bewaarde die in haar hart. Ze probeerde te begrijpen wat het te betekenen had. Ze bleef nadenken over het verhaal van de herders. 

Het bezoek was voorbij, en de herders gingen terug naar hun kudden. Hun harten liepen over van vreugde en dankbaarheid. Ze eerden God en dankten Hem voor alles wat ze gehoord en gezien hadden. Ze konden er niet over uit dat ze het Kind precies zo gevonden hadden als de engel had gezegd. 

Zo volmaakt als de Heere alles uitgedacht had daar zouden wij nooit toe in staat zijn. De herders waren de eenvoudige omstandigheden gewend, en accepteerden de hele situatie. Zo dicht kwam de machtige God naar hen toe dat zij niets bijzonders hoefden te doen om bij het Kind te komen. Ze hoefden alleen maar te luisteren naar Zijn aanwijzingen. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *