Tranen

 

Ze staan op het balkon als hun mama aan komt lopen. Zij slaat haar handen voor het gezicht en huilt.

De jongens weten duidelijk niet zo goed wat ze hiermee aan moeten. Gaan gauw verder met het spelletje waar ze mee bezig waren. “ Kom, ga maar gauw naar haar toe “ zeg ik zacht.  Even later hangen ze om haar hals.

Een glas water, meer wil ze niet. De jongste dicht tegen haar aan, de oudste redelijk stoer er naast, maar zijn ogen spreken boekdelen.

We praten wat. Haar levensverhaal is triest en zorgelijk. Hoe zal de toekomst er uitzien voor deze jonge moeder? Zullen de jongens terug kunnen naar huis?

Ik neem het hele stel mee om de slaapkamer van de jongens te laten zien. Ze trekken haastig  hun kasten open en halen alle nieuwe kleren er uit, de voetbalschoenen, de jassen, alles.

Ze zakt neer op het bed van de jongste en wil haar kids op schoot nemen. Maar stoere jongens van acht en tien willen dat niet als er iemand anders bij is. Ik laat ze maar even alleen.

Later komen ze terug in de kamer, want mama moet weer weg. Het afscheid is intens zielig. Ze omhelzen elkaar alsof het voor de laatste keer van hun leven is. Even later loopt ze weg. De jongens zwaaien tot ze uit het gezicht verdwenen is.

Kinderen vragen niet om de problemen van hun ouders. Zij zijn alleen maar slachtoffer. Deze avond huilen ze zich in slaap. En ik kan hen niet troosten. Uiteindelijk laat ik het voor wat het is, en bidt.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *