wijsheid

 

Er was eens een wijze vader die nooit opvoedkundige boeken gelezen had, maar toch erg wijs was.

Zijn zoon Pierre was al vaak in moeilijkheden gekomen. Dat kwam omdat hij op de onmogelijkste momenten driftig werd. In zo’n onbewaakt ogenblik had hij al veel lastige dingen tot stand gebracht. Eens had hij het mooie antieke theekopje van tante Constantia op de grond kapot gegooid. Zomaar, omdat hij liever bosbessenthee lustte dan citroenthee. Op een andere keer had hij de juffrouw in haar hand gebeten. Gewoon omdat hij dacht dat ze hem een klap wilde geven. Dat wilde ze helemaal niet. Ze wilde hem aanwijzen welke rekensom hij eerst moest gaan uitrekenen. Het ergste was de keer dat hij het raam van de politieagent die tegenover hen woonde in had gegooid. Dat kwam omdat de overbuurman –  die de bij de politie was – zijn voetbal niet terug wilde geven. Terwijl  Pierre die per ongeluk over de schutting had gekopt. Gelukkig had hij nòg een voetbal. Die kwam eigenlijk niet goed van pas, want daardoor was het raam kapot gegaan.

 

Vader Wiesheit – zo heette de vader van Pierre – nam zijn maatregelen. Elke keer dat Pierre driftig werd moest hij een grote knoestige en roestige spijker van vader Wieshiet uit de grote pot die in zijn werkplaats stond nemen. Die spijker moest Pierre in een hele harde oude balk slaan. Zóver dat alleen het kopje van de roestige spijker nog maar te zien was. Dat was een zwaar karwei. De eerste dag dat Pierre deze straf toebedeeld kreeg was een hele drukke dag. Maar liefst 55 spijkers moest hij in de harde dikke balk slaan! Het zweet stond hem op zijn voorhoofd, maar het moest.

Die avond lag Pierre op bed en bedacht dat hij er geen zin in had om elke volgende dag na de dag van de 55 spijkers door te brengen met deze nare straf! Zo hield hij zelfs geen tijd over om iets anders te doen dan spijkeren. Terwijl hij véél liever wilde voetballen. Of boomhutten bouwen met zijn vriendjes.

 

De volgende dag lukte het Pierre om minder driftig te zijn. Hij had het gelijk ook minder druk want er hoefden maar 35 spijkers in de harde dikke balk geslagen te worden. Toch was het nog een zwaar karwei. Pierre hield nog steeds geen tijd over om te voetballen of boomhutten te bouwen. Het moest nog beter kunnen besloot hij die avond in bed.

 

De dag daarna waren het 25 spijkers, en de dag daarop 19. Dat was een mooie dag voor Pierre. Hij floot weer liedjes en zag de blauwe lucht. Er was al best even tijd over voor zijn boomhut, zijn voetbal, en zijn vriendjes.

 

Toch duurde het nog best lang voor de dag kwam dat Pierre maar één spijker in de harde oude balk hoefde te slaan. Dat was me een dag! Vader Wieshiet was enorm blij en zei: “ Ik ben trots op je Pierre! Je bent een goede zoon voor mij geworden. Ik hoef geen boetes meer te betalen en iedereen uit het dorp groet mij weer. ‘

 

Pierre dacht: ΅ voor elkaar! Ik ben vrij!” En hij wilde al wegrennen naar zijn vrienden. Maar daar hield vader Wieshiet hem met zijn grote knoestige werkhanden tegen. Hij zei: “ Nu krijg je de volgende opdracht van mij. Elke dag dat je niet driftig bent geworden, moet je zes spijkers uit de harde dikke balk schroeven en weer terugstoppen in de pot die op mijn werkbank staat.

 

Omdat vader Wieshiets woord wet was, moest het precies zo gebeuren als hij gezegd had. Zo gezegd –  daarom – zo gedaan. Bijna elke dag lukte het Pierre om niet meer driftig te zijn. Hij had het nog wel erg druk! Want de schroeven zaten diep in het hout, en het kostte veel moeite om ze daar weer uit te krijgen. Soms was er een dag dat er geen enkele spijker uit de balk geschroefd kon worden. Dan was Pierre toch weer driftig geworden, en moesten er zelfs spijkers bijkomen, in plaats van dat ze uit de harde oude balk gehaald konden worden.

 

Maar eindelijk, eindelijk  kwam toch de dag dat alle spijkers uit de balk waren. Pierre was ondertussen ook helemaal veranderd. Van een driftige jongen was hij een rustige bedaarde kerel geworden.

 

Vol trots liep Pierre met de balk naar zijn vader toe en riep: “ kijk eens vader! Alle spijkers zijn er uit! “

 

Vader Wieshiet nam de balk. Hij nam Pierre bij de hand en zei:  “ kijk eens goed Pierre. Wat zie je? “

 

Pierre keek eens goed, en antwoordde:  “  ik zie gaten vader. “

 

“ Dat heb je goed gezien Pierre. Die gaten kunnen nooit meer weg uit de balk. Zo kunnen jouw driftige daden ook nooit meer weg uit de harten van de mensen die je pijn hebt gedaan. Begrijp je hoe erg dat is? “

 

Pierre werd stil en een beetje bleek om zijn neus. Hij dacht aan tante Constantia, aan de juf, en aan de politieagent die tegenover hem woonde.

 

Vader Wieshiet legde de balk op de plank boven het bed van Pierre. Het was een aandenken zei hij. De hamer en de pot met spijkers stonden naast de balk op de plank boven zijn bed.

Maar Pierre heeft de hamer en de spijkers nooit meer nodig gehad.

 

Vader Wieshiet werd uiteindelijk burgemeester van het dorp. Er werd een groot feest gevierd. Alle mensen kwamen in hun mooiste kleren. Er waren kadootjes en slingers! 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *