Pinksteren ( 1 )

 

De komst van de Heilige Geest ( 1 ) 

 

We tellen vijftig dagen na het grote feest van Pesach. ( Lev. 23: 15 – 16 ) De apostelen zijn samengekomen. Eensgezind en vurig hadden zij zich aan het gebed gewijd. ( Hand 1: 14 ) De vrouwen en Maria de moeder van de Heere Jezus eveneens. Plotseling klinkt er vanuit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag. Het aanzwellende geluid vult het hele huis waar ze zich bevinden. Het geluid klinkt door heel Jeruzalem! Bovendien verschijnen bij de apostelen een soort vlammen die zich als vuurtongen over hen verspreiden. Vroeger was dit ook wel gebeurd op momenten dat de Heere God Zelf neerkwam op aarde. Bij de berg Sinaï ( Exodus 19: 18 ) en bij het geven van Zijn heilige Wet. Toen God verscheen aan de moedeloze Elia ( 1 Kon 19 : 11 ) En ook de profeet Jeremia heeft meerdere malen in deze hoedanigheid God gezien.( Jes. 29: 6 / 30 : 27 – 28 )

 

God gaat Zijn beloften heerlijk vervullen! De vuurvlammen zetten zich neer op de apostelen. Allen worden vervuld met de Heilige Geest. Hun mond opent zich en ze spreken in vreemde talen, zoals de Geest dat ingeeft. Een totale vervulling, die hen in staat zal stellen in Naam van God hun taken uit te voeren en te spreken uit Zijn heerlijke Naam!  ( Hand. 4: 8. 31 /13 : 9 / Lucas 1: 15, 41, 67)

 

De leerlingen van de de Heere Jezus, eenvoudige vissers als zij waren, spreken niet in hun moedertaal, het Aramees. De Geest geeft aan in welke taal zij spreken moeten. Straks zal blijken waarom dit gebeurt, God Zelf gaat voorzien in de geestelijke nood van de grote menigte die zich voor de viering van het Pinksterfeest  in Jeruzalem bevindt. Niet langer zal het volk het moeten doen met de oude Oogstviering ( Exodus 23 : 16 ) De gave van de Wet en het Verbond van God met Zijn volk – ooit aan Abraham voorzegd – zal op weergaloze wijze bevestigd worden!

 

Jeruzalem werd bewoond door vrome Joden, afkomstig uit ieder volk op aarde. Sommige hadden zich in Jeruzalem gevestigd. Er waren er ook velen die vanuit verre landen een bedevaart naar Jeruzalem ondernomen hadden. ( Ex. 23: 14 – 17 )

 

Allen drommen samen op het tempelplein. Wat zij zien en horen verwart hen totaal! Vanuit welk land ze ook afkomstig zijn, iedereen hoort zijn moedertaal spreken!

 

“ Die mensen zijn toch allemaal Galileeërs? Hoe is het mogelijk dat we hen allemaal in onze eigen taal horen spreken?

 

Parther en Meden, Elamieten, inwoners van Mesopothamië, Judea en Kappadocië, mensen uit Pontus en Azië, Frygië en Pamfylië, Egypte en de omgeving van Cyrenië in Lybië, Joden uit Rome die zich hier gevestigd hebben, Joden en Proselieten – wij allen horen in onze eigen taal spreken over Gods grote daden!”

 

Totaal verbijsterd en van hun stuk gebracht vragen ze aan elkaar: Wat zou dat te betekenen hebben? In hun gedachten komen misschien wel de woorden van Jesaja – die God ook zag in vuur maar dan als een Oordelend Rechter. Zou het de dag van het grote Gericht zijn?

 

Zoals altijd zijn er spotters. Spot probeert de goede of mooie indruk van iets onderuit te halen. Ernst weg te wuiven en waar ( dig ) heid  af te nemen. Denk maar aan de Heere Jezus in Zijn bitter lijden en sterven.

 

“ Ze hebben vast teveel gedronken, ze zijn vol wijn! “ roepen enkele spotters.

 

Maar de Heere laat Zijn werk niet bespotten. De Pinksterzegen van God zal neerdalen, in weerwil van elke poging van de satan om dat tegen te gaan! 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *