Micha ( 7 )

Micha 

( Micha 4: 8 – 13 ) 

Wanneer de tijd van het Evangelie gekomen was, zou er een grote toevloed van bekeerden tot de gemeente van God zijn. Volken zouden de kerk binnenstromen, en vele vissers van mensen worden uitgezonden om alle volken te onderwijzen. Zij zouden hun werk niet tevergeefs verrichten, maar grote zegen op hun arbeid ervaren. Grote aantallen mensen zouden Gods wegen leren. Dat was de Weg waarop de Heere wilde dat zij wandelen zouden. Op deze Weg zou de Heere Jezus Christus Zelf hen in Zijn genade ontmoeten!

Micha zag voor zijn geestesoog de tijd van een nieuwe openbaring aan de wereld oplichten. Hieraan zou de kerk haar bestaansrecht ontlenen. Micha vergeleek Jeruzalem met een wachttoren van waar de herder de kudde bewaakte zoals een koning vanuit de hoofdstad van zijn rijk regeerde.

Het beeld van barensweeën ( Micha 4 vs 9 – 10 ) betekent dat er diep lijden aan het geluk van Gods volk vooraf zou gaan. Door de leiding van Gods voorzienigheid werd Jeruzalem leed aangedaan, want ze had niet langer een koning, nog een raadgever. Tenminste, zo leek het! Er zou bijna niets van Gods volk overblijven, velen zouden naar Babel weggevoerd worden. De grote trouw en liefde van de Heere zou hen echter dagelijks blijven vergezellen. In Babel zouden zij worden bevrijd, en zich van al hun vijanden gered weten. 

Het arme Jeruzalem zou zich steeds opnieuw belegerd zien door vijanden die de tempel zouden verwoesten en nergens voor terug zouden deinzen. Grote stromen bloed zouden het heiligdom van de Heere ontheiligen. “ Wat zou het mooi zijn als die stad verwoest was! “ zou men zeggen. Niemand zou het Plan van God nog begrijpen. De Heere Zelf zou al die volken tegen Jeruzalem verzamelen, met de intentie om al Zijn vijanden te vernietigen.

Want er zouden geestelijke helden opstaan, zoals eens Gideon was. “ Inwoners van Jeruzalem, maak je klaar om de vijanden te verslaan! De Heere zal jullie zo sterk maken als een beer, als een stier met horens van ijzer en hoeven van brons! Aangegord met Zijn kracht zullen jullie de vijanden vernietigen. Alles wat zij van jullie roofden, is bestemd voor de Heere. Het is bestemd voor de Heer van de hele aarde! “ zouden ze uitroepen.

In onze gedachten zien we Jeruzalem omsingeld door sterke strijders. Wrede volken, met trotse paarden, sterke lansen, blikkerende zwaarden en schitterende helmen. Wie zou bestaan tegen zo`n overmacht? Zelfs de koning zou niet ontzien worden! ( SB, SV met uitleg, MH, Bijbel in gewone taal )

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *