Leven!

 

 

Leven! ( Johannes 11 )

 

De Heere Jezus heeft veel wonderen gedaan toen Hij hier op aarde was. Op een keer was er iemand ziek, zijn naam was: Lazarus. Hij woonde in het dorp Bethanië. Maria en haar zus Martha woonden daar. Maria was de vrouw die eens zo verdrietig was dat ze naar de Meester was gegaan. Daar had ze Zijn voeten natgemaakt met haar tranen, en afgedroogd met haar haren. Je kunt begrijpen dat Maria ontzettend veel van de Heere Jezus hield, want zoiets doe je niet zomaar. Maria was niet de enige die zoveel om de Meester gaf. Martha en Lazarus, de broer en zus van Maria hielden minstens zoveel van Hem. Op de dag dat Lazarus ziek werd, twijfelden de zussen dan ook geen ogenblik Ze stuurden iemand naar de Heere Jezus toe.  

“ Heer, Uw vriend is erg ziek! “ zeiden ze. De Heere Jezus had een heel bijzonder antwoord klaar. “ Deze ziekte loopt niet uit op de dood, maar op de eer van God” zei Hij.

 

Nu zul je wel denken dat de Heere Jezus alles aan de kant zette om naar Zijn vriend toe te gaan. Hij kon mensen beter maken. Vaak waren het onbekenden. Maar deze keer was het een vriend, één van de allerbeste nog wel. Er gebeurde echter iets heel anders. Alsof er niets aan de hand was, bleef de Heere Jezus nog twee dagen waar Hij was. Weet je waarom? Hij liet zien dat Hij wist wat er gebeuren zou. Hij liet óók zien dat Hij wachtte op het moment dat Zijn Vader uitgekozen had. ( zie ook 2.4 / 7: 6 )

 

“ Laten we teruggaan naar Bethanië “ zegt de Meester. De discipelen zijn het helemaal niet eens met dit idee. “ Maar Heere, de Joden zoeken U en willen U zelfs stenigen! “ zeggen ze vertwijfeld.

Van deze woorden is de Heere Jezus niet onder de indruk, totaal niet zelfs. Hij weet dat Zijn opdracht nog niet klaar is, en dat Hij door moet zetten zolang daar tijd voor is.

( zie 7: 33 / 17: 1 )

 

De Heere Jezus zegt nog iets over de dag en de nacht. Daar bedoelt Hij mee dat, waar Hij is, de dood Zijn macht verliezen zal. De discipelen geloven door dit verhaal van de Heere Jezus dat Lazarus slaapt. Maar Jezus zegt ronduit: “ Lazarus is gestorven. Om jullie ben ik blij dat ik er niet bij was. Nu kunnen jullie tot geloof komen. Laten we nu naar hem toegaan.”

 

Onbegrijpelijk! De discipelen kijken elkaar moedeloos aan. Ze waren net zo blij dat hun Meester het gevaar ontgaan was, en nu zoekt Hij het weer op! Thomas ( dat betekent tweeling ) zegt tegen de anderen: “ laten ook wij dan maar gaan, om met Hem te sterven. “ Dat klinkt moedig en verdrietig tegelijk. Niet alsof hij er blij om is dat zijn geloof zal gaan groeien, zoals de Meester toch beloofd heeft.

 

Zo trekken ze terug naar Judea. Toen de Heere Jezus in Bethanië aankwam lag Lazarus al vier dagen in het graf. Sommige mensen dachten in die tijd dat de ziel van iemand die gestorven was nog drie dagen dicht bij het lichaam bleef, en dan heenging. Na deze drie dagen liet men alle hoop op een terugkeer naar het leven varen. Het was niet te ontkennen dat Lazarus echt gestorven was.

 

Bij het huis van Lazarus heerste een enorme drukte. Veel Joden waren gekomen om de familie te troosten. Het was een hele bijzondere gewoonte die wel een week kon duren. Aan het begin van een rouwperiode hoorde je luid gehuil en geklaag. Daarna was er tijd en ruimte voor verdriet en troost. Het was heel gewoon om mensen te huren die muziek kwamen maken of hard kwamen huilen. Zo hoorde dat.

 

Martha gaat direct naar de Heere Jezus toe. Ze zegt: ‘ Heere, als U hier was geweest, zou Lazarus niet gestorven zijn. Maar ook nu weet ik dat God U alles zal geven wat U nodig hebt. “

 

Rustig zegt de Meester: “ Je broer zal uit de dood opstaan.”

“ Dat zal zeker gebeuren Heer, aan het eind van de dagen.” antwoord Martha. Ze verwacht voor haar broer Lazarus geen wonderen meer, dat is duidelijk te merken.

 

Zo is Jezus! Als wij niets meer verwachten, dan is Zijn tijd gekomen.

 

“  Ik ben de Opstanding, en het Leven! Wie in Mij gelooft, zal leven, al ware Hij ook gestorven. En ieder die in Mij gelooft zal nooit sterven. Geloof je dat? “

 

Wat een bijzondere woorden. Niet sterven? Lazarus ligt toch stil en koud in zijn graf? Al meer dan drie dagen? De donkere grafkamer en de dood hebben toch overduidelijk het laatste woord?

 

Hoor eens wat Martha zegt?

 

“ Ja Heere, ik geloof dat U de Messias bent, de Zoon van God, Die naar de wereld zou komen”

Dat is een geloofsbelijdenis van leven!

 

Een belijdenis die straks door een wonder bevestigd zal worden.

 

Hoewel Martha nog niets van een wonder gezien heeft, gaat ze haar geloof en hoop toch direct delen. Ze loopt naar haar zus toe en zegt:  “ de Meester is er, en Hij roept je! “

 

Heb jij de Stem van deze Meester al eens gehoord?

Wat deed je daarmee? Wie heb jij erbij gehaald om te luisteren naar Zijn stem?

Je ziet wel dat je geen kant en klare antwoorden hoeft te hebben. Je hoeft ook geen geleerd iemand te zijn. Lopen kun je algauw, en praten ook. Als het maar de goede richting op is: naar de Heere Jezus heen.

 

Martha en Maria zullen de Grootheid van God zien. Ze zullen een groot wonder beleven.

Wat een God, Hij is nog precies Dezelfde en zegt: “ Ik ben machtig om meer dan overvloedig te doen boven al wat jullie bidden of vragen kunnen! “ ( Ef. 3 : 20 ) Aan Hem zal de eer toekomen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *