Derde zendingsreis ( 9 )

 

Handelingen 21

Zendingswerkers die het Evangelie van de Heere Jezus Christus brengen stuiten vaak op grote tegenstand. De apostel Paulus spande hierin tegen wil en dank de kroon. Veel mooie ogenblikken waarin de zege van de Heere Jezus gevierd werd wisselden zich af met dagen waarop het leek alsof de vorst der duisternis het gewonnen had van het Licht! Intens hard zwoegen wisselde zich af met gevanggenname, lijfstraffen, zweepslagen en doodsgevaar, ( 2 Kor. 11 : 24 – 28 ) Al bleef de  rechtvaardige niets bespaard, de Heere bevrijdde hem steeds opnieuw. ( psalm 34 : 20 ) Dit is de enige reden waarom Paulus het leven volhield, en hij de verantwoordelijkheid van de gemeenten die hij als een loden last op zijn hart droeg kon blijven dragen. Niets kon hem tegenhouden om vastbesloten door te gaan met de Goddelijke missie die hij van de Heere ontvangen had.

Enkele dagen nadat Paulus bij Filippus zijn intrek genomen had, kwam er een profeet genaamd Agabus uit Judea op bezoek. Hij werd door de Heilige Geest gedreven zegt de Bijbel. Evenals de profeten uit het Oude Testament werd de boodschap die hij bracht  door een aansprekelijk voorbeeld geïllustreerd. Agabus nam de riem van Paulus, bond daarmee zijn eigen handen en voeten vast, en zei: “ Dit zegt de Heilige Geest: Zo zal de man van wie deze gordel is, door de Joden in Jeruzalem vastgebonden worden. Zij zullen hem aan de heidenen uitleveren.” Wat een boodschap! Dat betekende ongetwijfeld opnieuw zweepslagen, stokslagen, bekogeling met stenen of misschien zelfs de doodstraf!

Grote onrust overvielen Filippus, en alle gelovigen die bij hem waren. Ḧevig geschrokken drongen zij er bij Paulus op aan om niet naar Jeruzalem terug te keren. Tevergeefs. Het was tegen dovemansoren gezegd. “ Houd je rustig, en doe niet zo dramatisch,  want ik ben niet alleen bereid om voor mijn geloof te strijden, maar ook om ervoor te sterven.” zei Paulus resoluut.

Zijn uitspraak leverde ontsteltenis, zelfs tranen op onder de aanwezigen. Wie zou hen moeten helpen en bijstaan in de strijd tegen het oude heidendom? Voor ze het wisten zouden de mensen tot hun oude gewoonten en gebruiken teruggekeerd zijn. Maar Paulus was niet tegen te houden. “ Waarom proberen jullie mij door je tranen te vermurwen? Ik ben niet alleen bereid om mij in Jeruzalem gevangen te laten nemen. Omwille van de Naam van de Heere Jezus zal ik zelfs vol vreugde sterven als dat de wil van God is.”

Uiteindelijk deed iedereen er maar het zwijgen toe. Ze wisten dat Paulus gelijk had. “Laat er dan gebeuren wat de Heere wil “ zeiden ze berustend.

Wat de toekomst brengen zou, niets liep Hem uit de hand, daar was iedereen van overtuigd. Korte tijd later maakte het gezelschap zich reisvaardig en vertrok Paulus met zijn evangelisatieteam naar Jeruzalem. Enkele leerlingen uit Caesarea vergezelden hen. De reis verliep voorspoedig en ongehinderd kwamen ze met z`n allen aan in Jeruzalem. De leerlingen brachten het gezelschap naar Mnason een Cyprioot. Mnason was iemand die waarschijnlijk tijdens de eerste zendingsreis  tot het christendom bekeerd was. ( Hand. 4: 36 )

In eerste instantie viel het dus honderd procent mee allemaal. Een gastvrije aankomst te Jeruzalem!

Zo zien we maar weer eens al te duidelijk dat de Heere voor Zijn kinderen zorgt. Er valt geen haar van hun hoofd zonder de wil van hun hemelse Vader. Hun brood is zeker, hun water gewis! 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *