Derde zendingsreis ( 6 )

 

 

Afscheid van de gemeente van Efeze

Er loopt een man in gedachten verzonken langs de weg die naar Asus voert. Het is de apostel Paulus. Hij neemt de gelegenheid waar om alleen te zijn en zijn gedachten te ordenen. De jonge kerken die hij bezocht had werden steeds sterker in het geloof en het aantal leerlingen van Jezus Christus nam dagelijks toe. ( Hand. 16: 5 ) Dat waren zaken om bijzonder dankbaar voor te zijn! Het was overal duidelijk merkbaar dat er afbreuk gedaan werd aan het rijk van de vorst der duisternis: naast ongekende toewijding van nieuwe leerlingen waren felle vijandschap en vervolging Paulus` deel geworden. Maar het Woord van God was verder gebracht, niets had dat kunnen verhinderen. Terwijl het schip met Paulus` reisgenoten om een kaap heen moet varen, snijdt Paulus al wandelend deze route af. Stille tijd! Misschien wel zangtijd samen met God!

In Assus aangekomen ziet Paulus al snel de zeilen van zijn reisschip naderen, en  voegen de leerlingen van Jezus Christus zich weer bij elkaar. Het schip vaart verder naar Mityléne, een eiland in de Egeïsche Zee. Nog enkele tussenstops volgen, er worden waren in en uitgeladen, vers water en vers voedsel aan boord gebracht, en verder gaat het weer! Van Mitylene naar Chios, Samos, Milete. De stad Eféze voorbij want als het maar enigszins mogelijk is wil Paulus tijdig in Jeruzalem aankomen om het Pinksterfeest met zijn geliefde broeders daar mee te kunnen vieren. Hoewel er een strakke planning aangehouden wordt, denkt Paulus wel degelijk aan de jonge kerk in Eféze. Vanuit Milete wordt een bode naar de oudsten van de gemeente gezonden. Ze hebben een brief bij zich waarin het verzoek staat om naar hem toe te komen. Dat verzoek wordt ingewilligd.Paulus heeft van alles meegemaakt in deze stad! “ In Efeze heb ik naar de mens gesproken met de wilde dieren gevochten! “ zegt hij in 1 Kor. 15: 32. Een strijd op leven en dood was het! Paulus refereert hier aan de strijd die een gladiotor in die tijd met de leeuwen uit moest vechten. Als Romeins staatsburger had dit hem helemaal niet mogen gebeuren! Het gaf weer eens aan hoe moeilijk zijn leven was. Alleen het zicht op de eeuwige opstanding had hem moed en kracht gegeven om stand te houden. Het zaad van hoop dat hij ondanks alles had weten te planten! Maar hoe stond het er inmiddels bij met de groei van dit plantje? Mogelijke groei was het enige dat Paulus` hart kracht kon geven om blij te zijn met de vervolging en verdrukking die hem overal ten deel vielen!

Daar komen de oudsten al aan. Er staat niet of het een hartelijke begroeting was, maar ongetwijfeld moet dit het geval geweest zijn. Straks zullen ze met tranen afscheid nemen. ( vs 37)  Paulus opent zijn mond en zegt: “ u weet hoe ik in uw midden geleefd heb. Vanaf de eerste dag in Asia heb ik in alle nederigheid uw gemeente gediend. Ik diende mijn God en heb al het verdriet en de beproevingen ten gevolge van de samenzweringen van de Joden doorstaan. Dat was hij nog niet vergeten! Het lag hem –  naast de aanslag waaraan hij nog maar kort geleden ontkomen was – nog vers in het geheugen. “ U weet ook dat ik u alles bekend gemaakt heb wat uw welzijn ten goede komt. Zowel in het openbaar als in uw huizen heb ik u daarover onderwezen. Zowel Joden als Grieken heb ik opgeroepen om zich tot God te bekeren. Ik riep hen op om te geloven in Jezus, onze Heere! Zoals het aanleren van een taal een onderhoudsplicht heeft, als voorwaarde om de taal levendig in gedachten te houden, zo is dat ook met de taal van de Heilige Schrift. Steeds opnieuw moet het geleerde in de herinnering teruggeroepen worden. Zodat het niet vergeten kan worden. En het gestrooide zaad niet door de beslommeringen van elke dag weggepikt kan worden. Niet door zorgen of beproevingen. Maar ook niet door blijdschap of geluk. Dezelfde oproep tot berouw en geloof als die te vinden zijn in Hand. 3: 19. klinken in de oren van de oudsten. Zij moeten de echo uitspreken in de gemeente van Eféze.

Er valt een korte stilte na de redevoering van Paulus. Werkt de Geest in de oudsten? Zullen ze geïnspireerd teruggaan naar hun thuishaven? “ Nu ben ik op weg naar Jeruzalem, door de Geest gedreven. Ik heb er geen notie van wat mij daar te wachten staat. In elke stad waar ik kom zullen gevangenschap en vervolging mijn deel zijn. Dat heeft de Geest mij bekend gemaakt.” besluit Paulus zijn rede.  

Wat een ellende! Paulus, stop er toch mee! Keer terug naar Jeruzalem en neem je rust. Je hebt genoeg geleden, God zal er zeker voor zorgen dat het Woord verder gebracht zal worden.

Geen denken aan, Paulus herneemt het woord en zegt : “ Ik hecht echter niet de minste waarde aan het behoud van mijn leven. Als ik mijn levenstaak maar kan voltooien! En de opdracht die ik van de Heere Jezus ontvangen heb, uit mag voeren:  “ getuigen van het evangelie van Gods genade! “

Opnieuw wordt er door Paulus  een beeld uit de sportwereld gebruikt. “ Als ik mijn loop maar tot het einde zal volhouden!” roept hij hartstochtelijk uit.  1 Kor 9: 24 zegt daarover : “ weet u niet dat van de atleten die in het stadion een wedloop houden, er maar één de prijs kan winnen? Ren als de atleet die wint! Iedereen die aan een wedstrijd deelneemt beheerst zich in alles. Atleten doen het voor een vergankelijke erekrans. Wij echter spannen ons in voor een onvergankelijk exemplaar! Ik ren niet als iemand die geen doel heeft. Ik vecht niet als een vuistvechter die in de lucht slaat. Ik hard mijzelf en oefen mij in zelfbeheersing want ik wil niet aan anderen de spelregels opleggen om uiteindelijk zelf gediskwalificeerd te worden! “

Het doel van Paulus is het getuigenis van het Evangelie van Gods genade doorgeven. Daar heeft hij alles voor over! Zijn God is Zijn Gids op heel zijn ruwe pelgrimsparcours. Een onzekere, stormachtige, ruwe reis ? Dat is het inderdaad. Maar wel één met een zekere, vaste en behouden aankomst.

 

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *